Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

baffen - (kontlikken)

Etymologische (standaard)werken

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

baffen ono.w., gelijk Hgd. baffen: denom. van de onomat. tuss. baf, paf.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

baffen 1, ww.: stampend lopen. Klankexpressief werkwoord met oorspr. betekenis ‘slaan’, zoals Wvl. baffen en D. bäffen.

baffen 2, beffen, ww.: gulzig eten, schrokken. Wvl. bafferen, bavveren, freq. met dezelfde betekenis. Overdr. bet. van baffen 1 ‘slaan’. Schrokken is nl. ‘naar binnen slaan’. Gezelle (Loquela) noteerde in Lichtervelde binnenbaferen ‘opschrokken’. Vandaar ook zn. baf ‘het eten, spijs, beet, hap’. Een goede baf ‘een goede beet, hap’ (WNT). Zie ook boefen.

F. Debrabandere (2005), Oost-Vlaams en Zeeuws-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de Oost- en Zeeuws-Vlaamse woorden, Amsterdam

baffen (G, ZO), ww.: slaan; schrokken. Ook zn. baf (G, ZO) 'slag, klap; eten'. Ook Brabants baffen, Wvl. freq. bafferen 'schrokken'. Ofr. bafe 'kaakslag met de rug van de hand'. Gwl. klanknabootsend verklaard.

F. Debrabandere (2002), West-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de West-Vlaamse woorden, Amsterdam

baffen (O), ww.: slaan, slaag geven. Ook baf (O) ‘klap, slag’. Wvl. baven ‘hard slaan’, baffer ‘vuistslag op de rug’ (DB), bafe (D) ‘klap’, baffe, bave (DB) ‘kaakslag’. Ofr. bafe ‘kaakslag met de rug van de hand’. Bavetaarte ‘kaakslag’ (O). Gwl. verklaard als klanknabootsing.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal