Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

badaap - (lelijk, vies iemand)

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

badaap: lelijk, vies iemand. Kijk ook nog onder aap* en aangeklede (bad)aap.

Vandaag Bad-Aap ... sjein in de kloffies, ... ’n extra flesch, … gromde Simbad, de oogen vol woedende speellusten. (Israël Querido, De Jordaan, 1914)
Volgt een analyseerend hoofdstuk over Manus Peet, bijgenaamd de Bochel of de badaap, kompagnon en helper van Joden Jet. (De Groene Amsterdammer, 09/05/1915)
Noem jij dat dansen, lelijke vieze vuilak! Badaap! (Harry Boting, Nog meer jatmous, 1967)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal