Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

baco - (Bacardi + cola (afk.))

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

baco, informele verkorting van bacardi-cola. Vooral jeugdtaal.

Ik vermoed tevens, dat de term ‘bacootje’ voor een ‘bacardi met cola’ slechts gehoord wordt in het café waar de tekstschrijver zijn inspiratie opdoet. (Jan Oudenaarden: De terugkeer van Opoe Herfst, 1986)
Baco: afkorting voor Bacardi/cola. Nooit gebruiken! Deze longdrink is namelijk bijzonder out. (Albert Gillissen en Hans Busman: Yuppie Yuppie Yeahh!, 1987)
‘Jij nog een baco?’ (Jac. Toes: De Afrekening, 1994)
De baco in de ene hand en een peuk in de andere. (Nieuwe Revu, 14/08/96)
Kluivert en consorten bestellen drie Southern Comforts met appelsap en voor groepsoudste Nico een bacootje (rum-cola). (Nieuwe Revu, 21/01/98)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal