Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

arapapa - (vogel (Cochlearius cochlearius))

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

arapa’pa (de, -’s), lepelbekreiger, bootsnavel of schuitbekreiger, een middelmatig grote reigerachtige vogel met een korte, brede en platte snavel (Cochlearius cochlearius). Evenals de Dikkoppen* ratelen Arapapas met hunnen snavels; en wel zoo hard dat het op aanmerkelijken afstand van de nestelplaatsen reeds hoorbaar is (P&P 1908: 172). - Etym.: S.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal