Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

angulair - (met hoeken)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

angulair [met hoeken] {1824} < frans angulaire < latijn angularis [hoekig, hoek-], van angulus [hoek] (vgl. Angel).

Thematische woordenboeken

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Angulair (= Fr. angulaire-, Lat. anguláris = hoekig; ángulus = hoek). Op een hoek betrekking hebbend; hoek-, of -hoekig; b.v. angulaire vergroting = hoekvergroting.

E.J. Dijksterhuis (1939), Vreemde woorden in de wiskunde

Angulair (< Lat. angulus = hoek). Op een hoek betrekking hebbend.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal