Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

amer - (houtskool)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

amer* [houtskool] {amere 1477, vgl. amerdijn [hete as] 1400} middelnederduits emere, amere, oudhoogduits eimuria (hoogduits Ammern), oudfries emer, oudengels æmyrie (engels embers), oudnoors eim-yrja [gloeiende as]; buiten het germ. latijn urere [branden], grieks heuein [zengen], oudindisch oṣati [hij brandt].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

amer znw. v., ‘houtskool’ meestal mv. ameren (limburgs), mnl. amerdijn ‘hete as’, Kiliaen amer ‘favilla’, en mv. amerdinghen ‘scintillae’, mnd. emere, amere (rijnl. ammere, ammer, amere, amer, westf. amer), ohd. eimuria, ofri. ēmer, oe. æmyrie, æmerge (ne. embers), nde. emmer, on. eimyrja ‘gloeiende as’. — Te verklaren uit grondvorm *eimuzjō (Kluge, KZ 26, 1883, 84), waarvan het 1ste lid eim beantwoordt aan ofri. eme ‘het koken’, imer ‘brok’, ne. dial. oam ‘warme luchtstroom’, on. eimi, eimr m. ‘rook, damp, vuur’ en het 2de lid te verbinden is met mnd. ösele ‘gloeiende as, glimmende lampepit’, mhd. usele, üsele, oe. ysle (ne. isel) ‘gloeiende as’ on. usli ‘hete as’, dat verder te verbinden is met lat. urō ‘branden’, gr. eúō ‘zengen’, oi. uṣṭa- ‘heet’, oṣati ‘branden’ (IEW 348).

amer [Aanvullingen De Tollenaere 1969]: de germ. grondvorm is niet *eimuzjô maar *aimuzjô, met oerg. ai > ndl. â zoals in taling; zie E. Polomé, RBPhH 44, 107 [1966].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

ameren, amerte, amelen, zn.: houtskool. Vnnl. 1573 ameren ‘gloeyende koolkens’ (Plantijn), 1599 ameringhen ‘vonken’ (Kiliaan). Rijnlands am(m)er(e), Westfaals åmer, Ofri êmer, De. emmer, Oe. aemerge, Me. eymbre, eymbery, E. ember ‘sintel, gloeiend kooltje’, On. eymyrja, Ohd. eimuria, Mhd. eimere, eimber, D. ahmer, ammer ‘as van vonken’. De betekenis is telkens ‘gloeiende kool, uitgebrande kool, houtskool’.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

amelen, ameren, ame(l)s, amers, zn.: houtskool. Zie amelingen.

amelingen, zn. mv.: vonken van brandend stro. Vnnl. 1573 ameren ‘gloeyende koolkens’ (Plantijn), 1599 ameringhen ‘vonken’ (Kiliaan). 1781 amers ‘gloeijende assche of eigenlijk kleine koolkens’, Meierij (Heeroma). Sittards amerte, Rijnlands am(m)er(e), Westfaals åmer, Ofri êmer, De. emmer, Oe. aemerge, Me. eymbre, eymbery, E. ember ‘sintel, gloeiend kooltje’, On. eymyrja, Ohd. eimuria, Mhd. eimere, eimber, D. ahmer, ammer ‘as van vonken’. De betekenis is telkens ‘gloeiende kool, uitgebrande kool, houtskool’.

A.A. Weijnen (2003), Etymologisch dialectwoordenboek, Den Haag

aomere, ommelen, ommers houtskool (Limburg, Meierij). = 16e-eeuws amer ‘as’, mndd. amere, hgd. dial. ammern. Het tweede deel (met r t.g.v. grammatische wisseling) = ono. usli ‘hete as’ (~ lat. uro ‘ik verbrand’ ~ oind. usta- ‘heet’). Het eerste deel ~ no. dial. aama ‘warmte afgeven’. Eng. embers, dee. emmer (vgl. ono. eimyrja) echter is ~ ono. eimi ‘rook, damp, vuur’.
TT VI 116, Amkreutz e.a. 207, Crompvoets 177, NEW 15, OV I 218, Falk/Torp 189, 190, Weijnen 1987, 60.

umbers, humbers stukken harde ontlasting (Enkhuizen). = (metaforisch) aomere ↑ ‘houtskool’.
Spoelstra 40.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

amer ‘(gewestelijk) houtskool’ ->? Duits dialect Amel, Oamel, Åmern, Omern ‘gloeiende as, roetdeeltje’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal