Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

aflijvig - (overleden)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

aflijvig bn. (BN) ‘overleden’
Mnl. aflyvich ‘id.’ [1399; MNW].
Gevormd uit → af ‘van ... weg’ en het zn.lijf in de Middelnederlandse betekenis ‘leven’, met het achtervoegsel → -ig.

EWN: aflijvig bn. (BN) 'overleden' (1399)
ANTEDATERING: aflivich 'dood' [1338; iMNW mansgeboorte]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal