Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

achteraf - (nadat iets afgelopen is)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1agteraf b.nw.
1. Verwyder van die vername, verwaarloos en deur mindere mense bewoon. 2. Onontwikkeld, agterlik.
In bet. 1 uit Ndl. bw. achteraf (1598) 'op 'n verwyderde, afgeleë plek'. Bet. 2 het in Afr. self ontwikkel.

2agteraf bw.
Stilletjies of skelm, sonder dat ander daarvan weet.
Uit Ndl. achteraf 'agter iemand se rug'. Eerste optekening in Afr. by Pannevis (1880) in die samestelling agterafpraat.

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

achteraf’ bw., ondershands, achterbaks, stiekem, in het verborgene. Achteraf was het altijd vreselijk gemakkelijk een meisje te veroveren, je kon met haar doen wat je wilde, je kon haar laten doen wat je wilde, je kon een bruut zijn en haar onderwerpen met lichamelijk geweld (Vianen 1972: 129). Ze hebben achteraf over hem zitten kletsen. - Etym.: In AN in deze bet. wel bekend, maar weinig gebr.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

achteraf ‘bijwoord: nadat iets afgelopen is’ -> Fries efterôf ‘bijwoord: nadat iets afgelopen is’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal