Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

zouten - (met zout bestrooien, toebereiden)

Etymologische (standaard)werken

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

zouten ww., mnl. souten (verl. tijd. silt), mnd. solten, ohd. salzan (nhd. salzen), oe. sealtan (ne. salt), got. saltan, naast het zw. ww. oe. sieltan, on. salta. — lat. sallō (waarsch. > *saldō) oiers sallaim, arm. ałtkc. — Zie verder: zout.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

sout II: ww., veral as verl. dw. in bet. “immuun teen/nie-vatbaar vir ’n siekte” (meer bep. v. diere gesê); blb. nie in dié toep. in Ndl. bek. nie en mntl. in S.A. ontst., ook in S.A. Eng. salted aldus gebr. (v. Scho TWK 14, 4, p. 193) en aan Afr. ontln.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

zouten ‘met zout bestrooien, toebereiden’ -> Negerhollands sout ‘met zout bestrooien, toebereiden’; Sranantongo sowtu ‘met zout bestrooien, toebereiden; gezouten’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut