Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

zelfzucht - (egoïsme)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

zelfzucht [egoïsme] {1803} < hoogduits Selbstsucht.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

zelfzucht znw. v. zal wel een late (19de eeuw?) navolging van nhd. selbstsucht zijn (de Vooys NT 21, 1927, 39).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

zelfzucht znw., nog niet bij Kil. Vert. van laat-lat. egoïsmus.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

zelfzucht, is wellicht (in de 19e eeuw?) gevormd naar hd. selbstsucht v.: De Vooys N.T. 21,39.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

zelfzucht (Duits Selbstsucht)
Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

verwikkeling [het verwikkelen of verwikkeld-worden, moeilijkheid, geschil] (1831). Het woord verwikkeling wordt voor het eerst genoemd in de Handelingen van de Staten-Generaal uit 1831, waarin sprake is van “staatkundige verwikkelingen”. In 1898 schreef neerlandicus Jan te Winkel in het gedenkboek Eene halve eeuw 1848-1898 over nieuwe uitdrukkingen en woorden in het Nederlands: “Uitdrukkingen, die [Nicolaas] Beets op het Taal- en Letterkundig Congres te Rotterdam in 1865 nog als neologismen belachelijk kon maken, schijnen ons overoud, zooals zelfzucht (voor eigenliefde), het welslagen (voor “de goede uitslag”), verwikkeling (dat omstreeks 1830, maar toen nog slechts in de schrijftaal, is ingevoerd), persoonlijkheid (voor persoon), richting (voor partij), halfheid, enz. Ook adjectieven, als passend (voor gepast), onhoudbaar (voor onverdedigbaar), ongenietbaar (voor “geen genot opleverend”, terwijl het vroeger synoniem was van oneetbaar) en onbewust (voor onmerkbaar of ook voor onopzettelijk). Ook werkwoorden, als vergemakkelijken (voor “gemakkelijker maken”), beheerschen, gelden voor (voor “doorgaan voor”), in ’t leven roepen (voor “maken”), ergens in opgaan, enz. Onder de nieuwe modetermen rangschikte hij toen ook: geen idee van, geen sympathie voor iets hebben.”

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

zelfzucht egoïsme 1803 [WNT] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut