Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

worp - (gooi; het jongen krijgen; de geworpen jongen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

worp zn. ‘gooi; het jongen krijgen; de geworpen jongen’
Mnl. worp ‘worp, het werpen’ [1240; Bern.], ‘dracht van dieren, geworpen jongen’ in Ene soygh, bit horen listen worpe ‘een zeug met haar laatste worp’ [1261; VMNW].
Ablautende vorm (nultrap) bij de stam van het werkwoord → werpen.
Mnd. worp; ohd. wurf (nhd. Wurf); ofri. werp (nfri. werp); oe. wyrp; < pgm. *wurpi- (alleen West-Germaans).

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

worp* [het werpen] {1201-1250} middelnederduits worp, oudhoogduits wurf, oudfries werp, oudengels wyrp, ablautend gotlands warp; van werpen, geworpen.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

worp znw. m., mnl. worp, wurp m., mnd. worp m. o., ohd. nhd. wurf m., ofri. werp m., oe. wyrp m. < germ. *wurpi-, verbaal-abstract bij werpen.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

worp znw., mnl. worp (wurp) m. = ohd. (nhd.) wurf m., mnd. worp m. o., ags. wyrp m. “worp”, wgerm. *wurpi-. Verbaalabstractum bij werpen, een formatie als vleug, *fluʒi-.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

worp. Adde: ofri. werp m. ‘id.’.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

worp m., + Hgd. wurf: van denz. stam als 't v.d. van werpen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

worp ‘zware, liggende balken in de achtersteven of middensteven’ -> Deens vorp ‘zware, liggende balken in de achtersteven of middensteven’ (uit Nederlands of Nederduits).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

worp* het werpen 1240 [Bern.]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut