Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

wijsgeer - (filosoof)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

wijsgeer* [filosoof] {1701} van wijs2 + het tweede lid van begeren, een vertalende ontlening aan latijn philosophus (vgl. filosofie) → wijsbegeerte.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

wijsgeer znw. m., vertaling van lat. philosophus.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

wijsgeer znw., nog niet bij Kil. Vert. van gr.-lat. philosophus.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

wysgeer s.nw.
Iemand wat soek na die wysheid.
Uit Ndl. wijsgeer (1701). Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902).
Ndl. wijsgeer uit wijs en geer, met lg. van geeren 'begeer', as leenvertaling van Grieks philosophos, met lg. van philo 'liefhebbend' en sophia 'kennis, wysheid'.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

wijsgeer (vert. van Grieks philosophos)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

wijsgeer* filosoof 1701 [WNT]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut