Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

weerlicht - (bliksem)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

weerlicht* [bliksem] {wederlicht 1351} uit ouder wederlijc {voor 1350} van weer4 + -lijc (vgl. huwelijk), beïnvloed door licht.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

weerlicht znw. o. m. ‘weerschijn van bliksem zonder dat men de donder kan horen’, evenals nhd. wetterleuchten een jong woord, dat door associatie met licht onstaan is uit een ouder woord mnl. wederlijc, mhd. weterleich, nnoorw. dial. veleik (< vederleik), waarin men het 2de lid kan opvatten als het oude woord germ. *laika ‘dans, spel’ (waarvoor zie: huwelijk).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

weerlicht znw. o. (in overdr. bet. ook de weerlicht).

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

weerlicht o., Mnl. wederlijc + Mhd. wetterleich (Nhd. wetterleucht), On. vetrleik; een samenst. met weder 2 en *leik = dans, sprong (beproken bij huwelijk); dit leik werd door volksetym. met licht in verband gebracht. Is in vloekw. evenals bliksem en donder, een zinspeling op den God þonar.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1weerlig s.nw.
Elektriese ontlading tussen wolke en die wolke en grond, gepaardgaande met 'n ligflits en 'n donderende knal.
Uit Ndl. weerlicht (1533). Ndl. weerlicht is vervorm uit die ouer wederlijc (vóór 1350) deurdat -lijc, wsk. n.a.v. die elektriese ligflitse van donderstorms, met licht verwar is. Soos in die vergelykbare huwelijk 'huwelik' is Ndl. wederlijc 'n afleiding met -lijc 'dans, spel' van weer 'weer'. Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902).
D. Wetterleuchten (15de eeu).
Vgl. huwelik.

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

weerlicht: (verouderd) (vaak voorafgegaan door luie, malle, stomme enz.) persoon. Het verwijt wordt aangeduid door wat voorafgaat. Luie weerlicht vinden we o.a. terug bij De Bo. Syn. bliksem*.

Aap, Luisbos, Malle Weerlicht, en soortgelyke woorden, zyn de naamen, waarmede hy zyne vrienden begroet, wanneer hy geestig wil zyn. (De Philanthrope of Menschenvriend, 1757-1762)

P.G.J. van Sterkenburg (2001), Vloeken. Een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie, 2e druk, Den Haag

weerlicht. Weerlicht werd door de gelovige mens gezien als een voorbode van onheil. In het hele taalgebied komt de verwensing loop naar de weerlicht ‘donder op, maak dat je wegkomt, scheer je weg’ voor. De weerschijn van zeer ververwijderde bliksems wordt gebruikt als beeld voor vernietigend vuur, tevens voor vernietigende krachten, vernietiging, onheil in ruimere zin. Reeds in de 17de eeuw werd het met die betekenis ook gebruikt in verwensingen. Zo in wat weerlicht! Weerlicht wordt nu vooral gebruikt als tussenwerpsel, en in de bastaardvloeken de weerlicht!, voor de weerlicht! en wat weerlicht! ter uitdrukking van verbazing of sterke bevestiging. In de 19de eeuw komt al voor maak voor de weerlicht dat je wegkomt!

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

weerlicht ‘bliksem’ -> Negerhollands weer licht, wilik, we lik, werlik, weerligt ‘bliksem’; Papiaments welek (ouder: weerlicht) ‘bliksem’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

weerlicht* bliksem 1351 [MNW]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut