Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

wecken - (levensmiddelen conserveren)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

wecken ww. ‘levensmiddelen conserveren’
Nnl. eerst Wecks conserveeringstoestel (sterilisator) [1905; Nieuwe Amersfoortsche Courant], Weck(sch)-glas [1912; Kramers], wecksen ‘inmaken volgens de methode van fabrikant Weck’ [1913; iWNT], wecken ‘id.’ [1913; iWNT].
Een afleiding van de eigennaam Weck, de naam van een methode voor het conserveren van levensmiddelen, Systeem WECK [1906; Zierikzeesche Nieuwsbode]. Deze methode werd gepropageerd door de Duitse firma van Johann Weck (1841-1914), die daar ca. 1900 de patenten voor gekocht had en de daarvoor vereiste benodigdheden als Weckflesschen [1915; Gelderlander] e.d. verkocht. De variant wecksen is vermoedelijk een afleiding van de tweede naamval Wecks in woorden als Wecks sterilisator [1905; Nieuwe Amersfoortsche Courant]. De term wecken is mogelijk gepropageerd door de firma Weck, die patent op die term genomen had, al zijn van een dergelijke propaganda geen schriftelijke attestaties uit het begin van de 20e eeuw bekend. In het Duits spreekt men van einwecken.
Lit.: Sanders 1993

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

wecken [(levensmiddelen) conserveren] {1901-1925} < hoogduits wecken, naar de Duitse fabrikant Johann Weck (1841-1914), merknaam.

Thematische woordenboeken

E. Sanders (1993), Eponiemenwoordenboek: Woorden die teruggaan op historische personen, Amsterdam

wecken, levensmiddelen steriliseren door ze te koken en vervolgens luchtdicht af te sluiten in speciale flessen
Johann Weck [1841-1914] was niet de uitvinder van de weckfles. Pogingen levensmiddelen te conserveren door ze te koken gaan terug tot de Franse natuurkundige Denis Papin [1647-ca.1714], uitvinder van de papiniaanse pot. Papins werk kreeg onder meer navolging van François Appert en Louis Pasteur.
Het was echter de Duitse chemicus R. Rempell uit Gelsenkirchen die deze techniek toepaste voor particulier gebruik. Hij bedacht een manier om levensmiddelen te conserveren door ze eerst te verhitten en vervolgens in luchtdicht afgesloten glazen potten op te slaan. Toen Rempel in 1883 stierf, nam een zekere Albert Hüssener de patenten over. Die verkocht ze omstreeks de eeuwwisseling aan Johann Weck.
Volgens Müller (1964) kwam Weck uit Schneidhain. Hij had zich in 1895 in Oflingen gevestigd omdat hij als vegetariër het fruit van die streek zo smakelijk vond. Weck verkocht de weckpotten een tijdje in dienst van Hüssener in het zuiden van Duitsland. In 1900 richtte hij een eigen firma op. Weck nam ook patent op de woorden wecken en einwecken, maar volgens Koenen (1986) was wecken al in 1906 een algemeen begrip geworden.
In Nederland sprak men aanvankelijk ook wel van wecksen. Kramers’ Algemeen verklarend woordenboek vermeldt dit begrip in 1912 als eerste, in de samenstelling weck(sch)-glas. De verklaring luidt ‘glazen pot voor inmaak en sterilisatie van groenten en vruchten’. Een jaar later, in 1913, duikt wecksen op als voorbeeld van ‘keukentaal’ in het Handboek der Nederlandsche Taal (I, p.529) van Jac. van Ginneken.
Oosthoek is in 1923 de eerste Nederlandse encyclopedie die het wecken vermeldt. De weckflessen hebben, zo meldt dit naslagwerk, ‘doordat zij gemakkelijk gereinigd en herhaaldelijk gebruikt kunnen worden, alsmede door hun practische wijze van afsluiting, vooral in den huishouding veel toepassing gevonden’. Dat laatste zal ook de reden zijn waarom de W.P. voor de vrouw in 1953 maar liefst anderhalve kolom besteedt aan het trefwoord wecken. De Nederlandse huisvrouw krijgt daarin onder meer enkele kostenbesparende tips. Zo wordt haar aangeraden de speciale ‘inmaakketel’ van Weck te vervangen door een grote pan en luidt het bijschrift bij een instructieve foto : ‘Als men bakt, kunnen gelijktijdig enkele flessen geweckt worden (gasbesparing); een weinig water toevoegen in de braadslede’.
De Grote Van Dale vermeldt de meeste samenstellingen met weck, te weten -fles, -glas, -ketel, -pot en -toestel. Wecken kan ook overdrachtelijk worden gebruikt.
In het Duits spreekt men van einwecken. Volgens Kluge (1975) werd dit in 1906 voor het eerst gebruikt in het door de firma J. Weck & Co. uitgegeven tijdschrift Frischhaltung.
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

wecken (levensmiddelen) conserveren 1913 [WNT] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut