Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

wasserette - (wassalon)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

wasserette zn. ‘wassalon’
Nnl. wasserette ‘zelfbedieningswasserij’ [1959; Sanders 2004].
Oorspr. een merknaam, afgeleid van → wassen 1 en in 1959 geïntroduceerd door de Amsterdamse ondernemer Bert Twaalfhoven naar het voorbeeld van Amerikaans-Engels launderette ‘zelfbedieningswasserij’, dat is afgeleid van het werkwoord launder ‘(kleding) wassen’ met het aan het Frans ontleend achtervoegsel -ette waarmee oorspr. verkleinwoorden werden gevormd.
In de jaren 1960 verschenen er tientallen wasserettes die deze merknaam tegen betaling mochten gebruiken. De merknaam veralgemeende in diezelfde periode tot soortnaam.
Lit.: Sanders 2004, 146-149

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

wasserette [waar men tegen betaling kan wassen] {1959} van wassen1 + -ette < oudfrans -ette, verkleiningsuitgang. De naam was oorspr. een werknaam, verzonnen door de Nederlandse zakenmannen Bert Twaalfhoven en Jos Faverary naar engels launderette.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

wasserette ‘plaats waar men tegen betaling kan wassen’ -> Papiaments waserèt ‘plaats waar men tegen betaling kan wassen’.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

happening [(ludieke) (kunst)manifestatie] (1965). Het Winkler Prins Boek van het jaar vermeldt een aantal nieuwe woorden die zijn ontstaan of ingeburgerd rond 1965: babyfoon, bermprostitutie, booreiland, botel, candid camera, combi, contactlens, contractspeler, drive-in, escalatie, eyeliner, flatneurose, happening, hearing, high, inhaalstrook, inlegluier, koopgolf, kortparkeerder, kijkdichtheid, launderette, luchtkussenvoertuig, luisterdichtheid, luisterlied, middenbermbeveiliging, paperback, parkeergarage, parkeermeter, part-timers, pop-art, programmeur, protestsong, psychofarmaceutica, red-tape, reputatiebehartiging, resocialisatie, ruimte-afval, seksbom, spuitbus, stiltegebieden, straatmeubilair, supermarkt, teach-in, televerkoper, vangrail, vluchtstrook, vouwfiets, wasserette, weggooifles, wegpiraat, winkelcentrum, woningwetwoning.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

wasserette waar men tegen betaling kan wassen 1959 [Merkenblad 1964]

Winkler Prins Boek van het jaar (1958-1980), Amsterdam / Brussel (lemma ‘Nieuwe woorden in onze taal’)

Wasserette (1966) naam voor een zelfbedieningswasserij.
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut