Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

voorvader - (stamvader, voorzaat)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

voorvader s.nw.
Manlike voorouer, stamvader.
Uit Ndl. voorvader (Mnl. vorevader), so genoem omdat sodanige persoon die vader is wat vooraan die stamboom staan.
Eng. forefather (1300).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

voorvader ‘stamvader, voorzaat’ -> Deens forfader, forfar ‘stamvader, voorzaat’ (uit Nederlands of Nederduits); Noors voorzaat ‘stamvader, voorzaat’ (uit Nederlands of Nederduits).

Hosted by Meertens Instituut