Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

vonnis - (gerechtelijke uitspraak)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

vonnis zn. ‘gerechtelijke uitspraak’
Mnl. vonnesse ‘gerechtelijke uitspraak’ in Ende scepnen ghewijst hebben ... met eenen vontnesse ‘en de schepenen hebben vonnis gewezen’ [1237; VMNW], dat hem niet scaden mach ... met eenen vontnesse ‘dat (hij) hen geen schade mag berokkenen met een vonnis’ [1293; VMNW scaden], vonnis ‘rechtvaardig oordeel’ [1303; MNW].
Afleiding met het achtervoegsel → -nis (mnl. -nesse) van het Middelnederlandse verl.deelw. vonden van → vinden in de betekenis ‘oordelen’. Vontnesse, dat in het Middelnederlandse sporadisch voorkomt, is dus de oudste vorm, waaruit door assimilatie mnl. vonnesse, vonnisse en later vonnis is ontstaan.
Lit.: Van der Sijs 2001, 166-167

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

vonnis* [rechterlijke uitspraak] {vonnisse, vondnisse 1237} van vinden [(in rechte) door een onderzoek tot de overtuiging komen van de waarheid van een feit, oordelen].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

vonnis znw. o., mnl. vonnis(se), mnd. vonnis assimilatie van ouder mnl. vontnisse, vondenisse, mnd. vondenis(se), mhd. vuntnisse, vintnisse ‘oordeelsvinding’ eig. ‘vondst’. — Afl. van vinden reeds mnl. ‘door onderzoek tot het vaststellen van de waarheid van een feit komen; een vonnis vinden’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

vonnis znw. o., mnl. vonnis(se) v. o. voor ouder vontnisse, naast vondenisse (vgl. schennis). Oorspr. bet.: “het vinden, vondst”. In deze bet. mhd. vuntnisse, vintnisse v.; owfri. bi Apollinis fyndenisse vertaalt ex Apollinis auctoritate. Bij vinden; dit was ’t gewone mnl. woord voor ’t opmaken en uitspreken van een vonnis. — vonnissen ww. Reeds mnl.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

vonnis. Ook mnd. vondenis(se), vonnis (v.?) ‘vonnis’.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

vonnis o., Mnl. vonnesse, vondenesse = vondst, gevonden oordeel + Ohd. funtnussi; vergel. Eng. to find a verdict.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1vonnis s.nw.
1. Uitspraak of veroordeling van 'n landdros of regter. 2. Opinie of optrede wat die uitwerking van 'n vonnis (1vonnis 1) het.
Uit Ndl. vonnis (Mnl. vonnisse in bet. 1, 1516 in bet. 2), 'n afleiding van vinden, wat as regsterm die bet. 'deur ondersoek die waarheid vasstel' het.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

vonnis: oordeel, regspraak, straf; Ndl. vonnis (Mnl. vonnis(se) uit ouer vontnisse/vondenisse, so ook Mhd. vuntnisse/vintnisse), hou verb. m. vonds, “wat gevind word”, en m. Ndl./Afr. vind(en), vgl. Eng. finding.

Thematische woordenboeken

C.H.Ph. Meijer (1919), Woorden en uitdrukkingen verklaard door Dr. C. H. Ph. Meijer, Amsterdam

Vonnis, rechterlijke uitspraak, mnl. vonnis(se) voor ouder vontnisse, vondenisse (evenals schennis van het ww. schenden), naast het z.nw. vondst van vinden, dat vroeger gebruikt werd voor het vinden en uitspreken van een oordeel in een rechtszaak, verg. bij Schepen. Hiervan vonnissen, ook reeds in ’t mnl. Bij de gilden en in navolging daarvan bij de rederijkers had men ook vinders, bestuurders, die finantieel beheer of contrôle oefenden. Ook met vinden zou in verband kunnen staan het oude woord vanden, voor kraambezoek brengen (verg. dan fra. aller trouver quelqu’un = iemand bezoeken).

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Vonnis staat voor ’t Mnl. vondenesse: wat gevonden wordt. „Vinden” was de oude rechtsterm voor het vinden (het opmaken en het uitspreken) van het oordeel.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

vonnis ‘rechterlijke uitspraak’ -> Fries fûnis ‘rechterlijke uitspraak’; Duits dialect Funnis ‘rechterlijke uitspraak’; Indonesisch ponis, vonis ‘rechterlijke uitspraak’; Javaans ponès, ponis, punis ‘rechterlijke uitspraak’; Madoerees pones ‘rechterlijke uitspraak’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

vonnis* rechterlijke uitspraak 1237 [CG I1, 30]

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

1989. De jongste schepen velt (of wijst) het vonnis.

Men bezigt dit spreekwoord ‘als jonge lieden of kinderen iets beter willen weten dan de ouden en hunne stem met gezag doen gelden’, dus, als zij het hoogste woord voeren. Het spreekwoord is vermoedelijk ontleend aan de gewoonte om den jongsten schepen het eerst zijne stem te doen uitbrengen, zooals voor alle rechterlijke collegiën en krijgsraden was voorgeschreven; ook in den schuttersraad stemde de schutter eerst en daarna de officieren naar hun opklimmenden rang. De jongste schepen velt het vonnis dus niet, doch spreekt het eerst zijn oordeel uit; heeft dit ‘gevolg’, stemmen de andere rechters hiermede in, dan wordt het zijne door de rechtbank uitgesproken. Ook in andere dan schepenen-gerechten heet hij, die het vonnis heeft voor te stellen, de ordelwijzerNdl. Wdb. XI, 103.. Vgl. Cost. v. Rotterdam, a. 15, waar wordt medegedeeld: als de instructie in een crimineele zaak is afgeloopen, belegt de baljuw eene zitting, neemt conclusie ‘ende belast den jonxten schepen mit het vonnisse’ (d.w.z. met het voorstellen van een vonnisMededeelingen der Vereeniging tot uitgave van bronnen van het Oudvaderlandsche Recht, deel IV, bl. 557.; Hooft, Brieven, 547; Huygens, Een wys Hovelingh, vs. 346; Sewel, 701: De jongste schepen spreekt het vonnis, the joungest justice pronounces the sentiment; W. Leevend II, 74; Taalk. Magazijn III, 474; Nieuwe Bijdr. voor Regtsgel. en Wetg. 1853, bl. 273-275 en Van Eijk II, Nal. 31Was in de steden iemand ter dood veroordeeld, dan moest de jongste schepen uitwijzen, door welk soort van dood hij sterven moest; Noordewier, 408 en Cannaert, 11; vgl. ook H. Brunner, Deutsche Rechtsgesch. (1887) I, 175: ‘Auf engen Zusammenhang zwischen Friedlosigkeit und Todesstrafe weist es auch hin, wenn die Satzungen, die letztere androhen, es unterlassen eine bestimmte Todesart auszusprechen, wenn das Urteil schlechtweg auf Tod ohne Angabe der Todesart lautet und wenn es, nach jüngeren Quellen, Befugnis des jüngsten Schöffen oder gar des Henkers ist, die Todesart zu bestimmen’. Hier (in dit bijzondere geval) zou men dus eenigermate kunnen beweren, dat de jongste schepen het vonnis wijst, ofschoon dit in eigenlijken zin reeds door de rechtbank was geschied..

2468. Vonnis vellen (of strijken),

hetzelfde als het mnl. dat oordeel wisen (vinden, geven; hd. das Urteil fällen); zie Ndl. Wdb. XI, 84; Grimm III, 1286 en Kiliaen: Velden oft vellen het oordeel, sententiam dicere, naast vonnesse strikenOok strijken beteekent sedert de Middeleeuwen doen vallen, neerhalen; zie no. 2421; vgl in Zuid-Nederland zijn voois strijken, zijne stem uitbrengen, stemmen (Volkskunde XIII, 166) en onze uitdr. zijne keus op iets laten vallen; hd. seine Wahl fällen; fr jeter son dévolu sur qqch., dat eveneens sedert de 16de eeuw wordt aangetroffenJacobs, Verouderde Woorden, 204.; 17de eeuw: het vonnis vellen (of striken), het vonnis uitspreken; eig. het vonnis doen vallen op het hoofd van den beklaagde (?).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut