Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

volstaan - (volharden, voldoende zijn)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

volstaan* [volharden, voldoende zijn] {volstaen [volharden, genoegen nemen, voldoen aan, helpen] 1291-1300} middelnederduits vulstān, oudhoogduits folla-stēn; van vol1 + staan.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

volstaan ww., mnl. volstaen ‘volharden, genoegen nemen, voldoen aan, helpen’, mnd. vulstān ‘volharden, instaan voor’, ohd. folla-stēn ‘volharden’; vgl. ook het bnw. mnl. volstandich, mnd. volstandich, vulstendich ‘volhardend, standvastig’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

volstaan ww., mnl. volstaen “volharden, genoegen nemen, voldoen aan, helpen”. = ohd. folla-stên “volharden”, mnd. vul-stân “id., instaan voor”.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

volstaan. Hierbij het bnw. mnl. volstandich ‘volhardend, standvastig’ (nnl. archaïstisch volstandig), mnd. volstandich, vulstendich ‘id.’. Nhd. vollständig ‘volledig’ is een andere vorming.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

volstaan ono.w., Mnl. volstaen = voldoen, voldoende zijn,

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

volstaan* volharden, voldoende zijn 1291-1300 [CG Luiks Diat.]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut