Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

vloot - (ondiep)

Etymologische (standaard)werken

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

vloot 3 bnw. (gewestelijk) ‘ondiep’, mnl. vloot, ne. fleet (1621) < germ. *flauti- afl. van vlieten. — Zie ook vloot 2.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

vloot 3 bijv.(ondiep), bijvorm van vlot.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

A.A. Weijnen (2003), Etymologisch dialectwoordenboek, Den Haag

vloot, vlot, vlo, vleut ondiep (Noordoost-Nederland, Eemland, Bommelerwaard, Veluwe, Noord-Betuwe). = mnl. vloot ‘id.’, mndd. vlôt ‘id.’. Ablautend ~ eng. dial. fleet ‘id.’. ~ vlieten.
Van Schothorst 221, NEW 792. Hadderingh/Veenstra 300, Ter Laan 1952, 1019, WNT XXI, 2386-2387, Van de Water 146, Nagel e.a. 237.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal