Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

vibrator - (trillend lichaam)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

vibratie zn. ‘trilling’
Nnl. vibratio ‘regelmatige trilling’ [1740; WNT], vibratie ‘id.’ [1803; WNT].
Ontleend, al dan niet via Frans vibration ‘slingerbeweging’ [1508-17; TLF], aan Latijn vibrātiō ‘id.’, afleiding van vibrāre ‘slingeren’, verwant met → wimpel en → wippen.
vibrator zn. ‘trilapparaat’. Nnl. in een vibrator, die door de luchttrillingen, welke elk geruisch veroorzaakt, in sterke trilling gebracht wordt, en deze weder aan een microphoon mededeelt, vanwaaruit zij door draden een verwijderden telephoon toegevoerd worden [1892; Groene Amsterdammer], ‘apparaatje voor seksuele stimulering’ in Stimulerende middelen: pillen, drankjes, vibrators, geitenoog, crèmes, glijpasta's enz. Zeer effectief! [1969; Leeuwarder Courant]. Internationaal woord gevormd op basis van de stam van Latijn vibrare ‘trillen’ en het achtervoegsel -ator ‘dat wat of hij die de handeling van het werkwoord uitvoert’. In de betekenis ‘apparaatje voor seksuele stimulering’ wrsch. ontleend aan Engels vibrator. ♦ vibreren ww. ‘trillen’. Nnl. vibreren ‘trillen’ [1824; WNT]. Afgeleid van Frans vibrer ‘id.’ [1508-17; TLF], ontleend aan Latijn vibrāre ‘slingeren’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

vibrator [trillend lichaam] {1901-1925} < middeleeuws latijn vibrator [degene die of dat wat zwaait], van vibrare [zwaaien] (vgl. vibreren).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

vibrator s.nw.
Vibrerende toestel wat vroue vir selfbevrediging gebruik.
Uit Ndl. vibrator (20ste eeu) of Eng. vibrator (1953).
Ndl. vibrator via Middeleeuse Latyn vibrator 'dit wat heen en weer beweeg' uit Latyn vibrare 'vinnig heen en weer beweeg, skud'. Eng. vibrator ook uit Latyn vibrare.
D. Vibrator.

Thematische woordenboeken

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Vibrator (→ vibratie). Triller, toestel voor het opwekken van trillingen.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

vibrator trillend lichaam 1906 [WNT] <ME Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal