Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

vervaardigen - (maken, fabriceren)

Etymologische (standaard)werken

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

vervaardigen o.w., vaardig maken.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Vervaardigen, letterlijk: vaardig maken = gereed maken, klaarmaken. Zoo schreef men vroeger ook: „In welk gebouw het middagmaal vervaardigt was” en „Hij vervaardigde zich tot de reys”.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

vervaardigen ‘maken, fabriceren’ -> Fries ferfeardigje ‘maken, fabriceren’; Deens † forfærdige ‘maken, fabriceren’ (uit Nederlands of Nederduits); Noors forferdige ‘maken, fabriceren’ (uit Nederlands of Nederduits); Zweeds förfärdiga ‘maken, fabriceren’ (uit Nederlands of Nederduits).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut