Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

verschalen - (geur- en krachteloos worden)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

verschalen [geur- en krachteloos worden] {1469} < middelnederduits vorschalen, middelhoogduits verschaln, van middelnederduits, middelhoogduits schal [dor, verschaald]; buiten het germ. grieks sklèros [dor, mager], skellein [uitdrogen], oudiers sceile [ongelukkig voorval], lets kalst [verdorren] (vgl. schelm, schallig).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

verschalen ww. eerst sedert Kiliaen, vgl. mnd. vorschālen, mhd. verschaln, afl. van mnd. schal (> laatmhd. schal) ‘droog, dor, verschaald’, vgl. me. shalowe ‘mat, ondiep’ (ne. shallow). — gr. sklērós ‘droog’ afl. van idg. wt. *(s)kel ‘uitdrogen’ (IEW 927), waarvoor zie: haal 4 en schol 3.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

schelm znw., sedert de 16. eeuw. Evenals de. skjelm, zw. skälm “schelm”, on. skelmir m. “duivel, schelm” uit mnd. schelme (schelmer), mhd. schelme m. (nhd. schelm) “schelm”. Dit woord heeft een dgl. bet.-ontwikkeling gehad als ’t platte woord aas: ’t is identisch met mnd. schelm m. “kadaver, aas”, mhd. schelme m. “id., pest”, ohd. scelmo, scalmo m. “pest”. Mnd. schelm “schimmel” is hetzelfde woord. Men brengt dit znw., germ. *skalmian-, bij mhd. (nhd.), mnd. schal, Teuth. schale “flauw, verschaald”, waarvan md. 1404 schaln “dof worden”, 13. eeuw verschalt “dof geworden” (van de oogen), ndl. verschalen, sedert Kil. Of eng. shallow “ondiep”, ook “zwak, mat”, ’t zelfde woord is, is onzeker; ook onzeker, maar althans mogelijk is de aangenomen grondbet. “droog” en de combinatie met gr. skéllō “ik maak droog”, lett. kalstu, kalst “verdorren”, waarbij ook Kil. hael “uitgedroogd, dor, schraal” behoort.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

verschalen ono.w., + Hgd. verschalen: hierbij Mhd. en Nhd. schal = krachteloos, troebel: z. schelm.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

verschalen geur- en krachteloos worden 1469 [HWS] <Nederduits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut