Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

verlaat - (sluisje)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

verlaat* [sluisje] {verlaet [kwijtschelding, uitstel, sluis] 1479} van middelnederlands verlaten [van zich laten gaan, verwijderen, overtappen, legen], van ver- + laet [het laten gaan], waterlaet [het laten wegvloeien van water].

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

verlaat o., verbaalabstr. van verlaten = van het eene vat in het andere laten. Hieruit Fr. frelater.

Thematische woordenboeken

G. van Berkel & K. Samplonius (2018), Nederlandse plaatsnamen verklaard

verlaat 'kleine (schut)sluis'
Onl. uorlet, mnl. verlaet, nnl. verlaat, vallaat 'kleine (schut)sluis', keersluis', gevormd bij het werkwoord verlaten 'overtappen, leeg laten lopen'. In Groningen en Friesland de algemene benaming voor een schutsluis in de binnenwateren. Uitwateringssluizen noemt men daar zijl. Oudste attestatie in plaatsnamen: 1139 Halfuorlet (ligging onbekend, bij Sint-Omaars in Frankrijk)1.
Lit. 1Gysseling 1960 438.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

verlaat ‘sluisje’ -> Duits dialect Verlaat ‘sluisje’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut