Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

verdacht - (aanleiding gevend tot verdenking)

Etymologische (standaard)werken

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† verdenken ww., een reeds mnl. ohd. mnd. ags. samenst. Ohd. far-, firdenken = ‘verachten,’ ags. forðenc(e)an = ‘verachten’, (refl.) ‘wanhopen’. De nnl. bet., in het Mhd. en Mnd. gewoon, is niet uit het Mnl., Kil. of Plant. bekend, wel uit de Teuth. Het deelw. verdacht ‘suspectus’ echter reeds 1484.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

verdag b.nw.
Wat agterdog wek of onder verdenking staan.
Uit verouderde Ndl. verdacht (1658), gewestelik nog bekend in Groningen.
D. verdächtig.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

verdacht ‘aanleiding gevend tot verdenking’ -> Fries fertocht ‘aanleiding gevend tot verdenking’; Indonesisch verdah ‘aanleiding gevend tot verdenking’; Negerhollands verdacht ‘aanleiding gevend tot verdenking’.

Hosted by Meertens Instituut