Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

valies - (koffer)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

valies zn. ‘koffer’
Vnnl. Hier leyt een Valies ‘hier ligt een reistas’ [1645; iWNT]; nnl. Een ronde valies of Coffertie (‘koffertje’) [1704; iWNT].
Ontleend aan Frans valise ‘reiszak’ [1558; Rey], later ook ‘soort koffer’ [1876; Rey], een ontlening van Italiaans valigia ‘zadeltas’ [1348-53; DELI], dat wellicht ontleend is aan middeleeuws Latijn valisia, valesium, ook valesia ‘reiszak, zadeltas’ [1298; OED], waarvan de herkomst onduidelijk is. Er is wel verondersteld dat deze vorm teruggaat op Keltisch *val ‘omgeven’ (NEW, FEW, TLF, Pfeifer).

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

valies [koffer] {1645} < frans valise < italiaans valigia, middeleeuws latijn valisia, valisium, mogelijk < arabisch walīḥa [mand, grote graanzak].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

valies znw. o. (daarnaast ook v.) eerst na Kiliaen < fra. valise (sedert de 16de eeuw bekend, maar ouder, want daaruit werd ook mhd. velīs overgenomen) < mlat. valisia ‘zadeltas’ (sedert de 13de eeuw) en waarsch. uit het gallisch, vgl. gallisch *val- ‘omgeven’.

Het mhd. velis werd in het begin der 17de eeuw veranderd in felleisen, wel een speculatie van geleerden, want in de volkstaal is het niet gebruikelijk.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

valies znw. o. (v., zoo ook in veel zuidndl. streken), nog niet bij Kil. Uit fr. valise (it. valigia; oorsprong onzeker). Hiervan ook mhd. velîs o. (volksetymologisch vervormd tot velîsen, nhd. felleisen o.) “valies”.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

valies o., gelijk Hgd. felleisen, uit Fr. valise: oorspr. onbek.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

valies’ (het, valiezen), koffer. Kom er maar in, jongens, zei de chauffeur, zet jullie valiezen maar achterin (Maynard a: 7). - Etym.: In AN veroud., in BN gebr. - Zie ook: koffer*.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

valies (Frans valise)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

valies ‘koffer’ -> Indonesisch valis ‘koffer’; Negerhollands valis ‘valies, handtas’; Papiaments falis, valis (ouder: valies) ‘koffer’; Sranantongo fâlis ‘koffer’; Aucaans falisi ‘koffer’; Sarnami phális ‘koffer’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

valies koffer 1645 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut