Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

uitroeien - (verdelgen, doen verdwijnen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

uitroeien ww. ‘verdelgen, doen verdwijnen’
Mnl. uteroden, uteroeden ‘ontwortelen, rooien; vernietigen’ in Datmen den boem sal roden vut Die altoes bringht quaet fruut ‘dat men de boom die altijd slecht fruit voortbrengt, moet rooien’ [1340-60; MNW-R], Want hi roodde algaeder vut Van ongheloeue dquaede cruut Dat int kerstenheit was ghewassen ‘want hij vernietigde al het onkruid van ongeloof dat in het christendom was opgekomen’ [1340-60; MNW-R], stocken ende houdt ... uuytroeijen ende uuytwerpen ‘boomstammen en bos ontwortelen en verwijderen’ [1405; MNW].
Ontstaan door wegval van intervocalische -d- uit ouder uytroeden, dat is gevormd met → uit ‘tot het einde toe’ bij de Middelnederlandse nevenvorm roeden van → rooien.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

uitroeien* [tot het laatste exemplaar verdelgen] {1526} van middelnederlands uteroden {1285} van uit + rooien2.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

uitroeien ww., mnl. uutrōden ‘rooien, uitroeien’ en dus een samenstelling van rooien. — De vreemde vorm met oe wil W. de Vries Ts 41, 1922, 206 verklaren door bijgedachte aan roede ‘stengel’, wat niet zo begrijpelijk is, als hij het voorstelt. Ook nwfri. heeft (ūt)roeije naast (ūt)roaije < *ūtrōthia.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

uitroeien ww., door Kil. als synoniem van wt-roden opgegeven, en met dit ww., reeds mnl. uut-rōden “rooien, uitroeien”, een samenst. van rooien II identisch, ofschoon de vorm niet geheel klaar is. Vgl. Kamperveensch roen “rooien” en dial. poeren naast ndl. peuren.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

uitroeien. De oe door bijgedachte aan roede (W.de Vries Tschr. 41, 206)? Vgl. lat. ex-stirp-âre van stirps ‘stam, tak, wortelstok’.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

uitroeien o.w. (ontwortelen), Mnl. roeden, roden + Mhd. roden (Nhd. id.), Ags. ryddan (Eng. to rid), On. ryđja: bijvorm van Mhd. riuten (Nhd. reuten); beide denom. van Ohd. ruda en riuti, Ndl. rode en ruide = plaats in een bosch waar alles weggehakt is (van daar de plaatsnamen met rode en rade) + Skr. wrt. ru = verbrijzelen, Lat. ruere = woelen, rutrum = spa, Oier. ruam = spa, Osl. rŭvati = uitplukken, Lit. rauti = uitrukken.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

uitroei ww.
1. (t.o.v. plante) Met wortel en tak uithaal. 2. (t.o.v. mense en diere) Uitwis. 3. (t.o.v. sake) Tot 'n einde laat kom.
Uit Ndl. uitroeien (al Mnl. in bet. 1 en 2, 1526 in bet. 3). Die vorm van die tweede lid van die Ndl. samestelling, nl. roeien (Mnl. roeden), wat slegs in die samestelling voorkom, is nog nie bevredigend verklaar nie. Naas Mnl. roeden kom Mnl. roden, Ndl. rooien 'ontwortel, uit die grond haal' voor.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Uitroeien, van roeien of roden: boomen weghakken; vgl. plaatsnamen op rode (Biederode, Berkenrode) en rade (Kloosterrade, Kerkerade).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

uitroeien ‘tot het laatste exemplaar verdelgen’ -> Zweeds utrota ‘tot het laatste exemplaar verdelgen’ (uit Nederlands of Nederduits); Negerhollands ruej yt ‘tot het laatste exemplaar verdelgen’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

uitroeien* tot het laatste exemplaar verdelgen 1526 [WNT]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut