Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

uithangen - (naar buiten hangen)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

uithang ww.
1. Na buite hang. 2. (geselstaal) Kuier, bly. 3. (geselstaal) Rojaal trakteer, spog.
In bet. 1 uit Ndl. uithangen (Mnl. utehangen). In bet. 2 en 3 uit gewestelike Ndl. uithangen (1806 in bet. 2, 1855 in bet. 3). Bet. 2 en 3 hou verband met die ou gebruik dat bepaalde tekens aan 'n huisgewel gehang is om aan te dui dat iets in die huis plaasvind, en derhalwe duidelik sigbaar is.

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

1113. Het (hij, zij) hangt me de keel (of den hals) uit,

d.w.z. ik heb er meer dan genoeg van; gezegd van iets, dat begint te vervelen, te walgen; zie o.a. Harreb. I, 390; P.K. 111; Kmz. 188; Falkl. 4, 122; Nest, 85; 103; Nkr. III, 3 Oct. p. 4; V, 6 Mei p. 4; VII, 18 Oct. p. 5; Nw. School V, 42: En wij allen hebben onze dagen dat ons werk ons, om het gewoon te zeggen, zes el de keel uithangt; A. Jodenh. II, 10; 43; III, 5: Om je de waarheid te zegge: 't komt mijn allang me keel uit; bl. 24: Houd u nou maar u mond, u komt me de keel uit met uw geklaag, enz. Syn. is er den buik vol van hebben (sedert 17de eeuw; Ndl. Wdb. II, 1740) of er de maag vol van hebben (in Nkr. VI, 11 Mei p. 4); vgl. hd. es steht, wächst, hängt mir zum Halse heraus; jem. dick haben (vgl. Van de Water, 69: dik van iets zijn); fr. dégorger; je l'ai dans le cul; il me sortit par le cul; j'en ai mon sac; j'en ai soupé; eng. my gorge rises at it (or against him); to have up to one's throat; in Zuid-Nederland het hangt mij uit de neuse en avoir au dessus du gosier (De Bo, 738) of het steekt tot in mijn keel (Joos, 116); ik zou het langs de keel uitgeven of het hangt mij de keel uit (Antw. Idiot. 631); Teirl. 201: dat hangt mijn botten uit, dat bevalt mij niet. In Twente: het hangt mi 'n hals oet; fri. de hals uthingje.

1978. Daar hangt de schaar uit,

d.w.z. het is daar duur, men wordt daar gesneden. Inderdaad hing bij kleermakers een schaaf uit, dikwijls verguldVan Lennep en Ter Gouw, Uithangteekens I, p. 112; 377.. Daar de snijers bekend stonden als oneerlijke menschen, die 't laken door 't oog van de schaar haalden, kreeg de uitdr. daar hangt de schaar uit, de bet. van: daar wordt men gesneden, afgezet. Ook de herbergiers en tappers stonden om hun oneerlijke praktijken minder gunstig bekend, zoodat ook van herbergen kon gezegd worden, dat er de schaar uithingZie H. Beckering Vinckers in Tijdschrift XXXIX, 154-156. In West-Vlaanderen aan de zee vindt men menige villa met het opschrift t' is hier in de scheer (schaar), om aan te duiden, dat men er goede sier maakt onder vrienden; vgl. ook Joos, 80; 114.. Voor bewijsplaatsen vgl. Winschooten, 221: Daar hangt de schaar uit, te weeten, op sulk een plaats, daar men gesnooten werd, gelijk sommige waarden daar van een handje hebben. Vgl. ook Langendijk, Wisk. 109 (Pantheon); Kluchtspel III, 14:

 Dan, het sel mijn heugen, dat ick tot Mr. Joris hier in de schaer heb geweest!

 Mijn gelt quijt! mijn gelt, pots wongder!Tuinman I, 73: De scheer hangt daar uit: ‘Dit zegt men van eene herberg, daar de waard wel kan rekenen, en dus zijne gasten, gelijk de schaapen, scheeren van hunne wol, dat is, den buidel van zyn vulsel’. Vgl. Sewel, 695: Daar hangt de schaer uit, daar wordt men lustig gesneden, that's a cut-throat place; Halma, 561: Men scheert duivelsch of lustig in die herberge, on écorche diantrement les gens dans cette auberge; II, 836: on est logé ici à l'étrille, men ligt hier in de roskam (wij zeggen in de schaar) thuis, dat is, in eene zeer duure herberg; Harreb. II, 240; Antw. Idiot. 2012: daar hangt de scheer uit, op eenen winkel waar men de klanten scheert, d.i. te veel doet betalen; Rutten, 199: scheer, gierig wijf: de scheer hangt daar uit, daar verkoopt men duur; het fri.: hy het my yn 'e skjirre hawn, hij heeft mij tusschen de schaar gehad, grof laten betalen. Zie no. 32.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal