Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

uiteinde - (uiterste punt)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

uiteinde zn. ‘uiterste punt’
Mnl. uteynde ‘moment waarop een handeling of toestand is beëindigd’ in Int uteinde ‘uiteindelijk’ [1300-50; MNW-R], ‘uiterste punt’ in Int uyteynde van eenre straten [1400-50; MNW]; vnnl. die weke ten uytende toe ‘tot aan het eind van de week’ [1528; iWNT].
Gevormd uit → uit ‘tot het einde toe’ en → einde. Het eerste lid heeft hier dus een louter versterkende functie.
De temporele betekenis van uiteinde ‘moment waarop iets is geëindigd of wordt beëindigd’ is tot en met de 18e eeuw zeer gewoon, is nu verouderd, maar nog wel herkenbaar in de afleiding → uiteindelijk. Het woord wordt nu vrijwel alleen nog in de ruimtelijke betekenis gebruikt, en in de verbinding zalig uiteinde als heilwens bij de jaarwisseling.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

uiteinde znw. o. Reeds mnl.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut