Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

type - (soort)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

type zn. ‘soort’
Vnnl. typus “voorbeeld” [1658; Meijer]; nnl. type “(boekdrukk.) letter, drukletter; voorbeeld, ontwerp; monster, afbeeldsel, afschaduwing” [1824; Weiland], in den daarbij gebruikten vorm van tijpen ..., waarvan slechts een zoo geringe voorraad bij 's Lands Drukkerij voorhanden is [1839; WNT], ‘persoon met betrekking tot zijn algemeen voorkomen’ in het waarachtig type onzer oudste voorouders [1841; WNT], ‘grondvorm, model, geheel van karakteristieke kenmerken en eigenschappen van een groep, reeks of klasse’ in de verscheidenheid der grondvormen of typen [1854; WNT], ‘eigenaardig persoon’ in Vreede was een soort van type aan de Academie. Een man van wie anecdotes te verhalen waren [1881; WNT].
In verschillende betekenissen ontleend aan Frans type, oorspr. ‘(grond)vorm, soort, voorbeeld’ [ca. 1380; Rey], een geleerde ontlening aan Latijn typus ‘afdruk, (stand)beeld, figuur, soort’, ontleend aan Grieks túpos ‘(in reliëf geslagen) vorm, gestalte, model, voorbeeld’, oorspr. ‘slag, stoot’, afgeleid van túptein ‘slaan, houwen’.
Grieks túptein is verwant met o.a. Latijn stupēre ‘versteld staan’ (zie ook → stupide), bij de wortel pie. *(s)teup- ‘slaan, stoten’ (LIV 602).

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

type [vorm, soort] {1658} < frans type < latijn typus [afdruk, beeld, type] < grieks tupos [slag, geslagen vorm (figuur in reliëf), gestalte, model, mal, stijltype], van tuptein [slaan] (vgl. timpaan).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

type znw. o. v., eerst nnl. < fra. type < lat. typus < gr. túpos ‘stempel, indruk; gestalte, afbeelding’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

type znw. (het, de), nog niet bij Kil. Uit fr. type of gr.-lat. typus. Ook elders ontleend.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

type (Frans type)

E.J. Dijksterhuis (1939), Vreemde woorden in de wiskunde

Type (< Gr. τύπος; > τύπτειν = slaan; Lett. slag; vd. stempel, indruk; vd. gestalte, vorm). Soort.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

type ‘vorm, soort’ -> Indonesisch tipa, tipe ‘vorm, soort’; Petjoh tiep ‘bijzonder iemand’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

type vorm, soort 1824 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut