Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

turbo - (krachtversterker)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

turbo [krachtversterker] {1901-1925} gevormd van turbine.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

turbo s.nw.
Onderdeel wat die kraglewering van 'n binnebrandenjin verhoog.
Uit Eng. turbo (1957).
Eng. turbo is 'n verkorting van turbocharger (1934), wat 'n verkorting is van turbosupercharger, met turbo in lg. samestelling uit Latyn turbo 'wiel, draaiende beweging, stukrag'.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

turbo- (Engels turbo-)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

turbo krachtversterker 1907 [WNT]

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

turbo-, als eerste lid van allerlei samenstellingen: stevig, krachtig. → turbokoe*, turbotaal*.

Toch klaagde ze licht: haar rug voelde niet best aan en die Duitse meisjes, goh, die gingen wel hard. Die hadden dikke turbodijen en zij had ranke, net geen breekbare benen. (Nieuwe Revu, 25/02/98)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut