Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tumor - (gezwel)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

tumor zn. ‘gezwel’
Vnnl. tumor “ghezwel, buil” [1663; Meijer].
Ontleend aan Latijn tumor ‘gezwel (zowel medisch als algemeen)’, afgeleid van tumēre ‘(op)gezwollen zijn’, verdere herkomst onduidelijk, misschien verwant met → duim.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

tumor [zwelling] {1663} < latijn tumor [zwelling, gezwel], van tumēre [gezwollen zijn] (vgl. tumult, tumulus).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

tumor ‘zwelling’ -> Indonesisch tumor ‘zwelling’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

tumor zwelling 1663 [WNT] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut