Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tribuut - (heffing)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

tribuut [schatting] {1350} < frans tribut < latijn tributum [directe belasting], verl. deelw. van tribuere [toedelen, aanrekenen], van tribus [district] (vgl. tribus).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

tribuut znw. o. m., mnl. tribuut o. m. < fra. tribut < lat. tributum. — Daarentegen zullen ohd. tribuz, oe. trifit veel vroeger overgenomen zijn, waarschijnlijk zelfs vóór de emigratie der Angelen en Saksen uit hun oorsprongsland, ontleend aan lat. tributum of een gallo-romaanse vorm daarvan (Th. Frings Germ. Rom. 1932, 12).

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† tribuut znw. o., mnl. tribuut o. m. Uit fr. tribut, lat. tribûtum, dat ook in het Mhd. Eng. is overgegaan. Een oude westgerm. ontl. (wsch. reeds van vóór de emigratie der Angelsaksen: Frings Germ. Rom. 12) uit lat. tribûtum, eventueel een rom. vorm daarvan, is ohd. tribuz, ags. trifot, -et ‘tribuut’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

tribuut heffing 1350 [MNW] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut