Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

trapezium - (vierhoek met twee evenwijdige zijden)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

trapezium [vierhoek met twee evenwijdige zijden] {1654} < modern latijn trapezium < grieks trapezion [tafeltje, trapezium], verkleiningsvorm van trapeza [tafel], van tetra [vier] + peza [voetstuk], verwant met pous (2e nv. podos) [voet]. De betekenis is dus: onderzetter met vier poten.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

trapezium (Latijn trapezium)

E.J. Dijksterhuis (1939), Vreemde woorden in de wiskunde

Trapezium (< Gr. τραπέζιον, dem. van τράπεζα = tafel). Bij Euclides (ca. 300 v. Chr.) gebruikt voor een willekeurigen vierhoek. Heroon onderscheidt τραπέζια (onze trapezia) en τραπεζοειδῆ (trapezoiden = willekeurige vierhoeken).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

trapezium vierhoek met twee evenwijdige zijden 1654 [WNT] <modern Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut