Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tengel - (netel)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

tengel3* [netel] {tinghel 1599} wel hetzelfde woord als tengel2 [schaar, tang, angel].

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

tingel 2 v. (netel), verbaalabs. van tingelen = branden (van netels gezeid) + Mndd. tengeren, Mhd. zengern (dial. Nhd. id.), Eng. to tingle; hierbij Mnl., Mndd. tanger, Ohd. zangar = bijtend.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut