Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tatoeage - (met inkt op de huid aangebrachte versiering)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

tatoeëren ww. ‘figuren op of in de huid aanbrengen’
Nnl. tattoueren, tattoweren “het ligchaam met figuren beplakken en beschilderen, gelijk vele wilde volkeren in Amerika gewoon zijn te doen” [1824; Weiland], weinig beschaafde natuurmenschen ... schier allen getatoeëerd [1836; Van Doren], De tatoeëering, het insnijden van de figuren ... veroorzaakt hevige pijn [1917; WNT], enkele lichaamsdelen getatoeëerd [1921; WNT].
Ontleend aan Frans tatouer ‘tatoeëren’ [1778; TLF], als vertaling voor Engels tattoo ‘id.’ [1777; BDE], afgeleid van het zn. tattoo ‘tatoeage’ [1774; BDE], eerder al tattow ‘id.’ [1769; BDE] in het reisjournaal van kapitein James Cook. Het Engelse woord is ontleend aan een Polynesische taal: in het Tahitiaans en Samoaans bestaat tatau ‘teken, schildering’, in het Marquesan tatu ‘id.’.
In het Nederlands komt het zn. tattow ‘tatoeëring’ al voor in 1774 in de Nederlandse vertaling van de beschrijving die John Hawkesworth publiceerde van de reis van James Cook.
tatoeage zn. ‘het tatoeëren, de aangebrachte figuur’. Nnl. tatouage, tatoeage ‘de getatoeëerde figuur’ in het aardig tatoeage ... op zijnen forschen arm [1883; Groene Amsterdammer], verwijdering van tatouages [1919; NRC], ‘het tatoeëren’ in wordt de tatoeage met geruime tusschenpoozen verricht [1921; WNT. Ontleend aan Frans tatouage ‘het tatoeëren, de aangebrachte figuur’ [1778; TLF], afleiding van het ww. tatouer. Sinds het eind van de 20e eeuw wordt naast tatoeage het Engelse leenwoord tattoo gebruikt. ♦ tattoo zn. ‘tatoeage’. Nnl. een kleine ‘tattoo’ staat nog steeds trendy [1992; Leeuwarder Courant], een gratis plak-tattoo met WK-design in rood, wit en blauw [1994; Krantenbank Zeeland], Het logo van Harley Davidson is de meest voorkomende tattoo in Amerika [1995; Volkskrant], we gaan niet trouwen, we laten een tattoo zetten [2001; Volkskrant]. Ontleend aan Engels tattoo ‘tatoeage’, zie hierboven.
Lit.: J.B.J. van Doren (1836), ‘Reis naar Nederlands Oost-Indië’, in: B. Brommer (1979), Reizend door Oost-Indië; prenten en verhalen uit de 19e eeuw, Utrecht, 122

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

tatoeaasj (zn.) tatoeage; Nuinederlands tatoeage <1883> < Frans tatouage.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal