Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

synthese - (vorming tot een geheel, samenstelling)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

synthese zn. ‘vorming tot een geheel, samenstelling’
Nnl. synthése ‘begripsverbinding’ [1847; Kramers], in de filosofie ‘vorming tot een geheel’ in these, antithese en synthese [1854; WNT triade], in de scheikunde ‘vorming van een stof uit bestanddelen’ in bepaalt men door analyse of door synthese, hoe veel maal het atoom van eenig ander element ligter of zwaarder is dan een zuurstof-atoom [1860; WNT atoomgewicht], ‘samenvatting’ in ... het volle drama en de ouverture zelf is er een synthese van [1890; Groene Amsterdammer], ‘het samenkomen’ in Liszt is de synthese van Fransche en Duitsche romantiek [1891; WNT mondaniteit], ‘chemische samenstelling i.t.t. winning uit natuurproducten enz.’ in margarinezuur ... een voortbrengsel der scheikundige synthese [1891; WNT].
Ontleend aan Frans synthèse, dat zelf ontleend is aan Latijn synthesis ‘set, verzameling; samenstelling (van een medicament)’; het Latijnse woord is ontleend aan Grieks súnthesis ‘constructie (in de wiskunde en logica), samenstelling’, een afleiding van suntithénai ‘bijeenbrengen, combineren’. Dat ww. is gevormd uit sun- ‘samen, tegelijk’ en tithénai ‘plaatsen, leggen, stellen’, dat verwant is met → doen.
Het Griekse voorvoegsel sun-, dat in vele leenwoorden verschijnt, is oorspr. het voorzetsel sún, een jongere nevenvorm van xún ‘met, samen’, van onduidelijke verdere herkomst. Verwantschap met de bij → samen genoemde Indo-Europese woorden is onwaarschijnlijk. Als voorvoegsel verschijnt het als sul- voor l, bijv. in → syllabus, als sum- voor b, m, en p, bijv. in → symbool, → symmetrie en → sympathie, en als su- voor s- gevolgd door een medeklinker, bijv. in → systeem.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

synthese [samenstelling] {1891} < frans synthèse [idem] < grieks sunthesis [het samenplaatsen], van sun [samen] + tithèmi [ik plaats].

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

synthese (Frans synthèse)

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Synthese (= Gr. σύνθεσις (sýnthesis) = het samenstellen, samenstelling; < σύν (syn) = samen, + θέσις (thésis) = het leggen, het plaatsen; τιθέναι (tithénai) = leggen, plaatsen). Het samenstellen van een verbinding uit de elementen of uit eenvoudiger verbindingen.

E.J. Dijksterhuis (1939), Vreemde woorden in de wiskunde

Synthese (< Gr. σύνθεσις = het samenleggen; < σύν = samen; τιθέναι = leggen). In de Gr. wisk. spec, tegengestelde van analyse, dus het deel van het bewijs, waarin het gestelde deductief wordt bewezen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

synthese ‘samenstelling’ -> Indonesisch sintés(a) ‘samenstelling’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

synthese samenstelling 1875 [WNT voorop] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut