Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

stoof - (bewortelde stomp)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

stoof2* [bewortelde stomp] {1651} oudnoors stūfr [boomstomp]; verwant met stobbe, stubbe.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

stoof 2 znw. v. ‘afgekapt vertakt en beworteld ondereind van een boom of struik’, mnd. stoof te vergelijken met mnd. stūf bnw. ‘stomp’, on. stūfr ‘boomstomp’. — gr. stúpos ‘stok, schacht’, oi. stūpa- ‘kuif, boomtop’, lett. stups, stupe ‘afgebroken eind’, vgl. verder lat. stuprum ‘schande, ontucht’ (eig. de geseling als straf); zonder begin-s: gr. túptō ‘slaan’, oi. tumpati, stumpati ‘stoten’, osl. tŭpati ‘palpitare’ (IEW 1034) van de idg. wt. *(s)teup, waarvoor zie verder: stoten en stobbe.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

stoof 2 bijv.(ter neer), van stuiven, zooveel als neergestoven.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut