Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

stator - (vast gedeelte van een dynamo)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

stator [vast gedeelte van een dynamo] {1901-1925} < engels stator < latijn stator, gevormd van statum, verl. deelw. van stare (vgl. staan) + -or.

Thematische woordenboeken

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Stator (Lat. stáre = staan, stilstaan; Lat. státor betekent een dienaar van een overheidspersoon in de provincie; of wordt gebruikt als bijnaam van Júpiter in de betekenis van: vluchtstuiter, tegenhouder). Het stilstaand deel van een machine, dynamo of motor; in tegenstelling tot den → rotor.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut