Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

spil - (as, pen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

spil zn. ‘as, pen’
Onl. spilla ‘as’ in een Latijnse oorkonde in in cammen et spillen et in aliis quibuscumque operibus fuerit ‘voor de kammen en spillen en voor welke andere dingen ook maar nodig zijn’ [1163-77; ONW]; mnl. spille ‘as, pen, klos aan een spinnewiel’ [1286; VMNW], in spinnen ... om ene spille ‘om een spil spinnen’ [1287; VMNW], enen spille in die watermolen [1318-19; MNW].
Door assimilatie ontwikkeld uit laat West-Germaans *spinla, dat is ontstaan uit ouder *spinn-ilō-, een afleiding van → spinnen met het achtervoegsel *-ilō- voor werktuignamen zoals in → beitel.
Os. spinnila (mnd. spinnel, spindel, spille, vanwaar door ontlening nhd. Spill (scheepvaart) ‘windas’); ohd. spinnila, spilla (nhd. Spindel ‘klos, spil’, naast Spill in Spillbaum (struik) ‘kardinaalsmuts’, omdat men van het harde hout spindels maakte); ofri. spindel; oe. spinel (ne. spindle); < pgm. *spinnilō-. In niet-geassimileerde vormen werd tussen de combinatie n-l een -d- ingevoegd, als in Nederlands zindelijk.
De oorspr. betekenis is ‘windklos aan een spinnewiel’, maar naar analogie van de vorm en/of functie werden al vroeg ook andere soortgelijke onderdelen van werktuigen zo genoemd. Duits Spindel is in het begin van de 20e eeuw overgenomen als Nederlands spindel ‘klos aan een spinmachine’ [1914; iWNT], ‘as met schroefdraad’ [1916; iWNT].

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

spil* [pen, as] {spil(le) [weefklos, as] 1286} oudsaksisch spinnila, oudhoogduits spilla, spinnila (hoogduits Spindel), oudengels spinel; bij spinnen.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

spil znw. v., mnl. spille v., mnd. spille, ohd. spilla is geassimileerd uit een ouder os. ohd. spin(n)ila (nhd. spindel), ofri. spindel-, oe. spinel, spinl v. (ne. spindle) ‘spil’. Het woord betekent dus eigenlijk een gereedschap, dat bij het spinnen gebruikt werd. — > ne. spill ‘cylinder om garen op te winden; houten of metalen dunne staaf’ (sedert 1594, vgl. Bense 443).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

spil znw. (de, het), mnl. spille v. = ohd. spilla, mhd. (nhd.), mnd. spille, ohd., os. spin(n)ila (nhd. spindel) v., ofri. spindel- (in samenst.), ags. spinel, spinl v. (eng. spindle) “spil”, germ. *spen(n)lô- > *spin(n)lô-. Voor ll < nl vgl. speld. Van spinnen.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

spil v., Mnl. spille, Os. spinnila + Ohd. id. en spilla (Mhd. spinle, spille, Nhd. spindel, spille), Ags. spinl (Eng. spindle): van spinnen.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Spil, Spille staat eig. voor spinle (zooals ’t Mhd. had), d.i. spinnel: het werktuig om te spinnen. Dit spinnel of spindel was een lange, dunne stok, waarom het vlas, enz. gewonden werd; zoo verkreeg spil ook de bet. van as, waarom iets draait, b.v. de ijzeren spil van een wagentje. Spilleleen, spillemaag, enz. bet. vrouwenleen, bloedverwanten in de vrouwelijke lijn, enz., daar de spil, het spinrokken het ken-teeken der vrouw was, evenals het zwaard dat van den man; vgl. zwaardleen, zwaardmagen (van mans zijde). – Spillebeen is een been, zoo lang en dun als een spil.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

spil ‘pen, as’ -> Engels spill ‘garenspoeltje; staafje; pin, as’; Zweeds spel ‘as’ (uit Nederlands of Nederduits); Russisch špil' ‘werktuig om een kabeltouw in te winden; ankerspil’; Litouws špilis ‘torenspits’ (uit Nederlands of Duits).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

spil* pen, as 1163-1177 [Tavernier]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut