Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

skeeleren - (rijden op rolschaatsen met achter elkaar geplaatste wieltjes)

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

skeeleren (Engels to skeeler)
Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

skeeleren (← Eng.), zich voortbewegen op skeelers*.

In Rouveen en omstreken kunnen ze heel goed skeeleren. (Nieuwe Revu, 21/08/96)
Dat skeeleren is toch ook veel te gevaarlijk. (Nieuwe Revu, 11/09/96)
Als de hele wereld skeelert, willen wij ook skeeleren. (Elsevier, 26/10/96)
Je hebt vaders die Gapstar dragen, skeeleren en op zaterdag naar een houseparty gaan. (HP/De Tijd, 16/10/98)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut