Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

sjamaan - (toverpriester)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

sjamaan zn. ‘toverpriester’
Nnl. shamaan, sjaman, sjamaan ‘priester-tovenaar’ in iemant, dienze den naem geven van Sjaman ... houdende hem voor hunnen Priester, of liever Toveraer [1714; WNT toovenaar], de Shamaan in extaze [1899; WNT tooverkracht], 'n sjamaan, 'n tovenaar, 'n regenmaker [1923; Groene Amsterdammer].
Wrsch. ontleend aan Russisch šamán, dat zelf ontleend is aan Evenkisch (een Toengoezische taal in Oost-Siberië) šaman ‘monnik’. Dit woord gaat wrsch. via Mandarijn-Chinees shāmén, een algemene aanduiding voor een boeddhistische monnik of priester, terug op Prakrit samaṇa- < Sanskrit śramaná- ‘asceet’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

sjamaan [toverpriester] {1886} < toengoezisch saman [medicijnman en priester].

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

sjamaan toverpriester 1863 [KKU] <Toengoezisch

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut