Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

shoarma - (vleesgerecht)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

shoarma zn. ‘vleesgerecht’
Nnl. shoarma ‘Turks gerecht van aan een verticaal spit geroosterd gekruid (lams)vlees met groente’ in broodje shoarma [1979; Leeuwarder Courant].
Via het Ivriet (modern Hebreeuws) ontleend aan Levantijns-Arabisch šwarma ‘gerecht van geroosterd (lams)vlees’, afgeleid van een Turks werkwoord çevirmek ‘afrasteren, omwentelen, draaien’, verwijzend naar het draaiende spit.
Volgens Philippa (1991) is het gerecht en daarmee het woord tijdens de Turkse overheersing van 1518 tot 1918 in Palestina terechtgekomen. De joden namen een groot deel van de Palestijnse keuken over en exporteerden het gerecht naar Nederland.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

shoarma [vleesgerecht] {1984} < levantijns-arabisch šwarma, van turks çevirmek [afrasteren, omsingelen, omringen, omwentelen].

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

shoarma (Levantijns-Arabisch šwarma)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

shoarma vleesgerecht 1981 [De Coster 1999] <Arabisch

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

shoarma (← Hebr. ← Turks), geroosterd en gekruid gerecht van (lams)vlees met groenten: een broodje shoarma. Het vlees wordt geroosterd aan een verticaal spit. Het eerste woordenboek dat deze term honoreerde, was Kramers (1981).

Hoe meer groentezaken en winkels in kantoorbehoeften, hoe beter. Hoe meer coffeeshops en shoarmatenten, hoe slechter. (Geert Mak: De Engel van Amsterdam, 1992)
Via de Israëliërs heeft ons een ander Turks woord bereikt: ‘shoarma’. Shoarma is van een ander Turks werkwoord ‘çevirme’ afkomstig, dat ‘draaien’ betekent. Tijdens de Turkse overheersing van 1518 tot 1918 is dit gerecht, en daarmee ook het woord, in Palestina gekomen. De joden namen in Israël een groot deel van de Palestijnse keuken over en exporteerden het Palestijnse eten naar Nederland. (Marlies Philippa: Koffie, kaffer en katoen. Arabische woorden in het Nederlands, 1989)
Restaurants en cafés zijn er van trendy en duur — in ‘De Groene Lanteerne’, het smalste restaurant ter wereld kost de truffelsoep 27,50 gulden — tot shabby shoarma- en patattenten. (Elsevier, 22/04/95)
Leuke frisse lippen, niet geverfd. Als die ergens een shoarmatentje zou beginnen, zou ik er elke dag gaan eten. (Margriet de Moor: Ik droom dus, 1995)
Zes weken voor z’n aanhouding heeft Ali met drie andere Turkse jongens in het Duitse grensplaatsje Goch een shoarma-tent overvallen. (Nieuwe Revu, 12/03/97)
Zal de hier te lande gesignaleerde pizza met shoarmavlees en mayonaise voor menig Italiaan al een blasfemische gruwel zijn, voor chefkok Primo Pilaggi is zoiets een halsmisdaad. (Oor, 22/03/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal