Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

scintillatie - (fonkeling)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

scintillatie [fonkeling] {1669} < frans scintillation < latijn scintillationem, 4e nv. van scintillatio [idem], van scintillare (verl. deelw. scintillatum) [fonkelen], van scintilla [vonk].

Thematische woordenboeken

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Scintillatie (Lat. scintillátio flikkering; scintilláre = flikkeren, fonkelen; scintílla = vonk, flikkerende stip). Het verschijnsel van opflikkeren dat sommige stoffen, b.v. zinksulfide, vertonen, als er radioactieve of cosmische straling op valt.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut