Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

schuimspaan - (keukengereedshap)

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

schuimspaan: bangerik; lafaard; salonheld*.

Daar gaat die voet-veegh heen, die schuimspaan, ieders dweil… (Klucht van de Schoester of, Gelijke Monnikken, gelijke Kappen. 1660)
Schavuit! Jij bent nóg slim, jij knijpt, geloof ik, den kat in ‘t donker, vroolijke jongen, … schuimspaan, oliekoek, oolijke likdoorn-snijder, slimmerik, bon-vivant, daar heeft u een zachte klap voor de billetjes, dat beteekent: laat hèm maar loopen… (De Nieuwe Gids, zevende jaargang, 1892)
Weet je dat je hier de naam van een luchtheld hebt gekregen? Smerige schuimspaan! (Piet Bakker, De slag in de Javazee, 1951)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut