Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

schransen - (gulzig eten)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

schransen ww. ‘gulzig eten’
Vnnl. schranssen ‘gulzig eten’ in Ick schransse te minsten voor drie dagen [1504; iWNT], Liefuer zoud ick by ... waghebaert (een biersoort) schranssen [ca. 1561; iWNT].
Wrsch. ontleend aan Nederduits schranzen, schranssen, schrantsen ‘gulzig eten’ (Grimm), wrsch. een afleiding van een woord voor ‘scheur; afgescheurd stuk’, dat in het Middelhoogduits voorkomt als schranz ‘scheur, spleet’; dit is een afleiding van de wortel *skrind-/*skrand- van het sterke werkwoord *skrindan- ‘openbarsten, scheuren’, zie → schrander.
Woorden voor een krachtige beweging leiden wel vaker tot een overdrachtelijke betekenis ‘gulzig eten’, bijv.bikken 2, → buffelen, → schrokken, → stouwen.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

schransen* [overvloedig eten] {schrantzen [breken, splijten] 1573, schrantsen [overvloedig eten] 1599, vgl. opschransen 1562} behoort bij schrinden (vgl. schrander).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

schransen ww. sedert de 16de eeuw, waarschijnlijk uit nnd. schrantsen (nog westf.) ‘gulzig eten’, Kiliaen schrantsen geeft als bet. ‘breken, kauwen’, vgl. schrantse ‘breuk, scheur, reet’ = mhd. schranz m., schranze v., verder nog het ww. schrenzen ‘splijten, scheuren, breken’. Blijkens ohd. scruntussa ‘spleet’, zal men mogen uitgaan van een oudere vorm *scrantussa, die dan een afl. is van de onder schrander behandelde woorden.

Afwijkende bet. hebben zaans schrans ‘kras, schrab’, oostfri. schransen, schrantsen ‘schrapen, naar zich toehalen’. FW 597 denkt aan invloed van woorden als schrapen, schrappen, maar uit schram blijkt, dat van de idg. wt *(s)ker ‘snijden’ ook woorden met deze bet. afgeleid zijn.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

schransen ww., sedert de l6. eeuw. Een ook ndd. fri. woord. Misschien is de bet. “breken, kauwen”, die Kil. o.a. voor schrantsen opgeeft, ouder dan “schransen”. Dan kunnen we verder Kil. schrantse (“vetus”) “breuk, scheur, reet”, mhd. schranz m., schranze v. “id.”, schrenzen “splijten, scheuren, breken” vergelijken. Het ndl. woord zal dan wel van hd. oorsprong zijn, en mhd. schranz(e), schrenzen zouden eventueel onder ’t aannemen van consonantische “entgleisung” bij de woordfamilie van schrander gebracht kunnen worden (alles onzeker). Zaansch schrans “kras, schrab”, oostfri. schran(t)sen “schrapen, naar zich toehalen” enz. zullen in bet. wel door andere woorden met schr- (schrapen, schrappen e.dgl.) beïnvloed zijn.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

schransen. Om mhd. schranz(e), schrenzen met de woordfamilie van schrander te verenigen, gaat men ook wel uit van een afl. op -usjô- (ohd. *scrantussa): dan behoeft geen “ontsporing” van het consonantisme te worden aangenomen.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

schransen ono.w., Plant. schrantzen = aan stukken breken + Mhd. schrenzen (dial. Hgd. id.): intens. van *schrinden, Mnl. te-scrinden = splijten + Ohd. scrintan (Mhd. schrinden) + Lit. skrentu = tot een korst worden: uitbreiding van den wortel van scheren 1.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

schransen (Nederduits schrantsen)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

schransen ‘overvloedig eten’ -> Schots † scranch ‘pletten met een knarsend geluid, knarsen’; Amerikaans-Engels dialect † scranch ‘met de tanden vermalen’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

schransen overvloedig eten 1599 [kil] <Nederduits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut