Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

schoolhoofd - directeur van een school

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

schoolhoofd [directeur van een school] (1878). De Lager Onderwijswet van 1878 brengt enkele onderwijshervormingen, en introduceert de term hoofd der school, wat in de spreektaal al snel schoolhoofd wordt. Neerlandicus Jan te Winkel zegt hierover in het gedenkboek Eene halve eeuw 1848-1898: ‘Zoo zijn [...] woorden als “schoolmeester” of “meester” (althans in dezelfde engere beteekenis) aan het wegsterven, sinds de wet van 1878 de uitdrukking hoofd der school heeft ingevoerd, waarvan de spreektaal schoolhoofd gemaakt heeft. Daar die wet ieder, die onderwijs geeft, “onderwijzer” noemt, is het woord “hulponderwijzer” nu sinds twintig jaar een historische term geworden. Daarentegen heeft aanteekening de nieuwe beteekenis van “bevoegdheid tot het onderwijzen van een bepaald vak” gekregen. Opgaan voor een examen schijnt mij in de onderwijswereld ook een woord uit de tweede helft onzer eeuw, in den zin van “examen gaan doen”, gemaakt naar de meer en meer verouderende uitdrukking “opgaan naar het bedehuis”. Modern zijn ook woorden als schoolmuseum, schoolwandeling, schoolbaden, waarbij dan nog kindervoeding en vacantiekolonie behooren. Het aanschouwingsonderwijs dankt, met de zielebeelden, zijn naam wel reeds aan Pestalozzi, die er de vader van is, maar eerst in de laatste helft onzer eeuw spreekt men er vaak genoeg over, om het een woord uit de spreektaal te mogen noemen. Bewaarscholen, waar nu gefröbeld wordt, zijn er nog wel, maar “kleine-kinderschooltjes” of “matressen-schooltjes” niet meer. Daarentegen kinderbewaarplaatsen en speeltuinen (in plaats van “kindertuinen”, zooals men ze vóór 1850 in aansluiting aan hun eersten voorstander Fröbel eene enkele maal noemde).”

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal