Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

rottweiler - (hondensoort)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

rottweiler [een bepaalde rashond] {1928} < hoogduits Rottweiler, genoemd naar de stad Rottweil in Duitsland.

Thematische woordenboeken

E. Sanders (1995), Geoniemenwoordenboek, Amsterdam

rottweiler (1928, uit het Duits) stevige, kortharige waakhond

Rottweil ligt in Zuid-Duitsland, aan de bovenloop van de Neckar, in de deelstaat Baden-Württemberg. De Romeinen kenden het als Arae Flaviae en hadden er een legerplaats. In de 13de eeuw werd Rottweil een vrije rijksstad. Daarna behoorde het lange tijd bij Zwitserland; sinds 1802 maakt de stad deel uit van Württemberg.
Kynologen gaan ervan uit dat de rottweiler afstamt van de Romeinse legerhond. Die werd molos genoemd, een woord dat is afgeleid van Molossis, een gebied in het oude Epirus, een landstreek ten noordwesten van Griekenland aan de kust van de Ionische zee. De Romeinen kenden twee typen molossen: de zwaargebouwde vechthond en de slanke, beweeglijke veedrijver.
Rottweil was vanaf de 13de eeuw een centrum van veehandel, waar ook Franse en Hongaarse transporten aankwamen. De veehandelaren ontdekten snel dat de honden uit Rottweil uitstekende veedrijvers waren. Daarnaast waren het zeer geschikte waakhonden: vaak kregen ze ’s nachts of in de kroeg de geldbuidel van hun baas omgehangen. Bovendien werden ze gebruikt als trekhond, vooral door slagers.
Met de veehandelaren verspreidde de rottweiler zich door Europa. Halverwege de 19de eeuw raakte het ras echter in verval — zoals dat in de kynologische literatuur heet. Alleen slagers bleven de hond volop gebruiken als trekdier, wat ertoe leidde dat het beest in Duitsland alom Metzgerhund ‘slagershond’ werd genoemd.
Hondenliefhebbers uit Heidelberg begonnen aan het begin van deze eeuw met de ‘wederopbouw’ van het ras. In januari 1907 werd in Heidelberg de ‘Deutscher Rottweiler Klub’ opgericht. Onenigheid over de raspunten leidde al in april 1907 tot oprichting van de concurrerende ‘Süddeutscher Rottweiler Klub’, eveneens in Heidelberg. Tot 1921 vlogen deze clubs elkaar in de haren. Toen fuseerden ze in de ‘Allgemeiner Deutscher Rottweiler Klub’ — een vereniging die nog steeds bestaat.
Het nazi-regime bracht donkere dagen voor de rottweiler. De nazi’s namen de honden in beslag om ze in te zetten als ‘berichtenhond’ aan het oorlogsfront. Haak (1986) maakt echter melding van ‘veel moedige fokkers’ die hun honden lieten onderduiken!
Na de oorlog begon het fokken opnieuw. Dit leverde uiteindelijk een intelligente, temperamentvolle hond op, die tegenwoordig vooral dienst doet als politiehond, waakhond en reddingshond.

Engels Rottweiler (1907); Duits Rottweiler (±1850); Frans rottweiler.

Oosthoek ency.2 7 (1928) 124; Oosthoek ency.2 7 (1928) 124; Toepoel & Van de Weijer Toepoels hondenency. (±19704) 442-444; Dam Honden (19632) 65; R. Haak De Rottweiler (Best 19863) 9-18; OED (19932).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

rottweiler hondensoort 1928 [Sanders 1995] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut