Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

roemer - (groot wijnglas)

Etymologische (standaard)werken

Michiel de Vaan (2014-2018), Addenda EWN, gepubliceerd op www.neerlandistiek.nl"

roemer zn. ‘wijnglas’
Vnnl. roomers mv. (1524, Jan van Doesborch), ruemerken (1561), rumerkin (1566) ‘romertje’ (beide Vlaams), romer (1573), roemer (1596) ‘drinkglas’. Voor drinkbekers van ander materiaal: ses schoone silvere romers ‘zes mooie zilveren roemers’ (inventaris, 1610). Van de zestiende tot de twintigste eeuw zijn de spellingen romer en roomer in gebruik naast roemer, maar de recente standaardisering geeft aan roemer de voorkeur (bijv. Koenen, Verklarend Handwoordenboek, 1897: “romer zie roemer”). Dialecten: NOBrab. ròmmer, rèumer, Schaijks ruumer, Gents ruimer, Westvlaams rommer, rummer, Gelders-Overijssels römer.
Verwante vormen: Nieuwhoogduits Römer (1501 Neuss, 1546 Keulen) ‘groen wijnglas’. Ontleningen uit het Nederlands en/of het Duits zijn MoE rummer (1654), Frans rumer (1570), Deens rømer, Zweeds remmare, ouder römare (1623), Russisch romor (18e eeuw).
Romer zn. ‘Romein’
Oudnederlands romære (1151–1200), Mnl. romere (1285), Vnnl. Ro(o)mer, mv. Ro(o)mers, gebruikelijk tot ca. 1800. Verwante vormen: Oudhoogduits rōmāri, rūmāri, Oudfries rūmere, rōmere ‘Romein’, gevormd uit de stadsnaam Rōma en het leensuffix *-arja- (een woord *rōmārius heeft in het Latijn zelf niet bestaan).
De ro(e)mer heeft zich rond 1500 uit de eveneens groenachtige berkemeyer ontwikkeld, die geen bolvormige maar een trechtervormige kelk had. De naam betekent ‘Romeins’, en borduurt voort op benamingen ‘Romeins glas’, ‘Rooms glas’, die in de vijftiende eeuw in het Rijnland en de Lage Landen voorkomen, zoals roemsche glaesser (Keulen, 2e helft 15e eeuw), en Romenysche Wynglase, Romenysche glasen (Arnhem, 1421). Die termen verwijzen waarschijnlijk naar destijds gedane vondsten van oude glasresten uit de Romeinse tijd. De term ‘Romeins’ ging dan over op eigentijds glas dat er vergelijkbaar uitzag. In de zestiende eeuw is het bn. ‘Romeins’, ‘Rooms’ vervangen door het zn. romer ‘Romein’.
De huidige standaardspelling roemer met oe is onverwacht, aangezien romer klankhistorisch gezien dezelfde scherplange ôô heeft als droom en boom. Dat wordt ook bevestigd door verschillende dialectvormen. Het ligt voor de hand te denken dat roemer een specifieke dialectontwikkeling weergeeft, bijv. uit Antwerpen en delen van Brabant, en in de standaardtaal de voorkeur heeft gekregen vanwege het prestige van sommige auteurs die roemer gebruiken; maar daar heb ik geen bewijs voor.
Literatuur: Franz Rademacher. 1933. Die deutschen Gläser des Mittelalters. Berlijn; Anna-Elisabeth Theuerkauff-Liederwald, ‘Der Römer, Studien zu einer Glasform’. Journal of Glass Studies 10, 1968, p. 114–155; JGS 11, 1969, p. 43–69; Lexikon der Kunst. Architektur, Bildende Kunst, Angewandte Kunst, Industrie formgestaltung, Kunsttheorie, Band VI, Leipzig 1994, p. 226-227 (lemma ‘Römer’).
[Gepubliceerd op 03-03-2016 op Neerlandistiek.nl]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

roemer [groot wijnglas] {1556-1559} vgl. middelnederduits romer, vermoedelijk van latijn vitrum romarium [Romeins glas].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

roemer znw. m. ‘groen drinkglas voor Rijnwijn’, sedert het oudnnl. Daarnaast nhd. römer (voor het eerst 1501 in Neusz, dan 1546 in Keulen, 1609 Hamburg). Dat maakt de these waarschijnlijk, dat de naam uit het nnl. komt (ook ne. rummer 1654, fra. rumer 1570, nde. rømer, nzw, remmare (ouder römare 1623). — russ. rjúmka, in de 18de eeuw nog romor, vgl. R. v. d. Meulen, Verh. AW Amsterdam 66, 2 (1959) 76.

Over de herkomst heerst twijfel. Men heeft herinnerd aan vitrum romarium en er op gewezen, dat deze wijnglazen uit scherven van Romeins glas zouden zijn gemaakt; daartegen spreekt het late optreden van het woord. Zelfs heeft men gedacht aan de Römersaal in Frankfort, waar de feestmaaltijd bij een keizerskroning gehouden werd; daartegen spreekt het oudste voorkomen van het woord in noordelijker streken dan de keizerstad. Moet men dan uitgaan van een nl. woord, dan zal men wel moeten aanknopen aan roemen en het woord verklaren als het glas waarmee een heildronk op een ander uitgebracht werd.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

roemer znw., sedert ’t Oudnnl. Als deze vorm de oudste is, is de oorspr. bet. “glas om mee te roemen, om een toast mee te drinken”. Ook houdt men den du. vorm römer m. = ndl. dial. rômer, rö̂mer wel voor ouder en verklaart ’t woord dan als “Romeinsch glas”. Andere hypothesen zijn minder wsch. Eng. rummer, de. rømer, zw. remmare “roemer” zijn ontleend.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

roemer. De afl. van roemen is vrij gezocht, en ook om de in de 16e en 17e eeuw veel voorkomende vorm romer, roomer verdient de tweede hypothese de voorkeur.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

roemer m., uit Oostndl. of Ndd., met oe voor û, ui, Vla. ruimer = groot glas, van ruim. Uit Ndl. resp. Ndd., Hgd. römer, Eng. rummer, De. rømer, Zw. remmare. Cf. Warenar 429: uyt de roemer in’t glas.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

roemer ‘groot wijnglas’ -> Engels † rummer ‘groot drinkglas’ (uit Nederlands of Nederduits); Engels roemer ‘wijnglas’ (uit Nederlands of Duits); Duits Römer ‘groot wijnglas’; Deens rømer ‘groot wijnglas’ ; Zweeds remmare ‘groot wijnglas’ (uit Nederlands of Nederduits); Fins reimari ‘groot wijnglas’ ; Russisch rjúmka, rjúmocka ‘tafelvaatwerk, gewoonlijk van glas, op een voet, voor brandewijn of wijn’; Soendanees lumur ‘roemer, drinkglas’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

roemer groot wijnglas 1556-1559 [WNT]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut