Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

resistent - (weerstand kunnende bieden)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

resistent bn. ‘weerstand kunnende bieden’
Nnl. resistent ‘weerstand kunnende bieden’ in een zeer dunne, glasheldere en resistente laag [1886; iWNT], deze laag [is] zeer resistent tegen behandeling met alkalien en zuren [1886; iWNT], ‘bestand tegen een ziekte, immuun’ in resistent tegen deze ziekte [1921; iWNT].
Ontleend, mogelijk via Duits resistent ‘bestand tegen’, dat echter pas in de 20e eeuw is geattesteerd (Kluge, Pfeiffer), aan Latijn resistēns (genitief -entis), het teg.deelw. van resistere ‘weerstand bieden’, gevormd met → re- ‘terug-’ bij sistere ‘doen staan, zich plaatsen’, causatief van stāre ‘staan’, zie → staan. Ontlening aan verouderd Engels resistent is niet waarschijnlijk; in de betekenis ‘weerstand kunnende bieden, bestand tegen’ komt in het Engels alleen de vorm resistant voor [1897; OED].
De oudste betekenis heeft betrekking op weerstand tegen chemische en weersinvloeden. Daaruit volgt later de specifiekere betekenis ‘bestand tegen ziektes, immuun’.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

resistent ‘weerstand kunnende bieden, bestand tegen’ -> Indonesisch résistén ‘weerstand kunnende bieden, bestand tegen’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut