Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

rente - (geldelijke opbrengst, interest)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

rente zn. ‘geldelijke opbrengst, interest’
Mnl. rente ‘periodieke opbrengst; periodieke heffing’ in de summe uan den renten ‘het bedrag van de jaarlijkse heffing’ [1236; VMNW], ‘pachtsom’ in ackerlieden, die hem ... gheven souden sine renten ‘boeren die hem zijn pacht zouden betalen’ [1285; MNW], ‘lijfrente’ in na haerre beder liue, so es dese rente quitte ‘na hun beider leven vervalt deze lijfrente’ [1287; VMNW]; vnnl. rente ‘periodieke opbrengst; periodieke heffing’ in pachten ende renten [1502; WNT], personen, hebbende renten op deser stede ‘personen die recht hebben op een rente-uitkering van de stad’ [1541; WNT], dan ook ‘periodieke vergoeding voor het lenen of schuldig blijven van geld, interest’ in A leendt B 1600 gulden, op conditie dat B jaerlicx aen A betalen sal 100 gulden rente [1596; WNT], by gebreck van betalinge, behoorlycke renthe [1631; WNT].
Ontleend aan Frans rente ‘periodieke opbrengst uit goederen’ [ca. 1155; TLF] en ‘periodieke heffing voor vruchtgebruik’ [ca. 1119; TLF], eerder al ‘teruggave’ [begin 12e eeuw; TLF], dat zelf is ontleend aan vulgair Latijn *rendita ‘het teruggegevene’, de vrouwelijke vorm van het verl.deelw. van *rendere ‘teruggeven’. Dit werkwoord is een vervorming (onder invloed van prēndere ‘grijpen, vasthouden’, zie → prijs) van klassiek Latijn reddere ‘teruggeven, geven’, gevormd met red-, variant van → re- ‘terug-’ en de combinatievorm -dere van dare ‘geven’, zie → datum.
In de middeleeuwen betekende rente niet ‘interest op geleend geld’: het uitlenen van geld tegen rente was als woeker verboden. Rente kon een periodieke uitkering zijn die men kocht door betaling van een bedrag ineens, of de jaarlijkse opbrengst uit onroerende goederen of een bedrijf, of uit belastingen; renten werden ook wel vastgezet op een kerk of klooster, in ruil voor missen en gebeden voor het zielenheil van de schenker.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

rente [interest] {1230-1231} < frans rente < middeleeuws latijn rendita, renta [rente], van latijn reddere [teruggeven, ter vergelding geven] (vgl. renderen).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

rente znw. v., sedert Kiliaen < fra. rente < vulg. lat. rendita, eig. deelw. van rendre.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

rente znw., mnl. rente v. Uit fr. rente < lat. rendita. Ook elders, o.a. mhd. mnd. (> laat-on.) ofri. ontleend.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

rente v., Mnl. id., gelijk Hgd. id., Eng. rent, uit Fr. rente, van Mlat. *rendita, zelfst. gebr. v.d. van *rendere, Lat. reddere = weergeven, opbrengen (red: z. raduis; dere, vorm van dare in samenst.: z. datum).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

rente s.nw.
Opbrengs op kapitaalbeleggings.
Uit Ndl. rente (al Mnl.).
Ndl. rente uit Fr. rente uit Latyn renta van ouer reddere 'teruggee'.
D. Rente, Eng. rent.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

rente: interes; Ndl. rente (so by Kil) via Fr. rente (wu. ook Eng. rent/rental) uit Ll. rendita (so ook It.) uit Lat. reddita (ww. reddere, “oplewer, teruggee”).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

rente (Frans rente)

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Rente, van ’t Fr. rente, afl. van rendre = teruggeven. Rente bet. dus: wat teruggeven wordt, vandaar ook: opbrengst. Het woord is ontleend aan ’t Romaansche rendere, van ’t Lat. reddere = weergeven, teruggeven. Vgl. nog: rendeeren = opbrengst, rente geven: „de zaak rendeert goed”.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

rente ‘interest’ -> Zweeds ränta ‘interest’ (uit Nederlands of Nederduits); Indonesisch rénte ‘interest op een lening’; Boeginees rênte ‘interest’; Jakartaans-Maleis rènte, rènten ‘interest’; Javaans rènte, rènten ‘interest’; Makassaars rênte ‘landrente, belasting’; Sranantongo rente ‘interest’; Surinaams-Javaans rènte ‘interest’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

rente interest 1230-1231 [CG I1, 19] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut